Les 2: kennismaken met een hypertekst

De leerlingen gaan in deze les het verschil tussen een lineaire tekst en een hypertekst.

Terugblik les 1.

* wat vonden jullie leuk aan de lineaire les?
* Wat vonden jullie minder leuk aan de lineaire les?

Verzamel de antwoorden die de leerlingen geven. Sommige leerlingen zullen dit een prettige manier vinden om te werken en weer andere leerlingen minder prettig. Uiteindelijk gaan de leerlingen in groepjes zelf een hypertekst maken en ze moeten het verschil kunnen zien en verwoorden tussen een lineaire- en een hypertekst.
De terugblik kan kort en krachtig. Bespreek kort de meningen van de leerlingen en ga door met de oriëntatie.

Oriëntatie.

Nu is het tijd om de klas kennis te laten maken met een hypertekst. De naam zal de leerlingen niet zoveel zeggen. Het wordt niet gebruikt op een basisschool, want alle scholen werken met lineaire teksten. Laat daarom zelf een voorbeeld zien en bespreek met de klas of ze verschillen en/of misschien overeenkomsten zien.

Een voorbeeld laten zien is niet het meest lastige onderdeel. Als leerkracht moet je wel vooraf wel uitzoeken welke website geschikt is. Het is bijvoorbeeld leuk om een website te kiezen waar de leerlingen in geïnteresseerd zijn. Als er bijvoorbeeld veel jongens in de klas zitten die van voetbal houden, dan is www.voetbalzone.nl leuk als voorbeeld te nemen. Je hoeft alleen maar op een artikel te klikken en je hebt een hypertekst. Als het artikel over de wedstrijd Ajax- Feyenoord gaat dan staan daar links in naar de clubs, spelers en meerdere items. Vertel de klas dat dit hyperteksten zijn.

Kern.

Nu de leerlingen hier kennis mee hebben gemaakt, is het tijd dat de leerlingen zelf op onderzoek uitgaan. Op elke school waar wij stage hebben gelopen of voor een andere opdracht zijn geweest waren wel iPads aanwezig. Misschien niet in elke klas een aantal, maar wel op de school zelf. Zorg ervoor dat er een aantal iPads in de klas aanwezig zijn en geef elk groepje leerlingen een iPad om een hypertekst op te zoeken. Natuurlijk kan en mag dit ook op een telefoon of een gewone computer. Het doel is om de leerlingen zelf naar hyperteksten te laten zoeken.
Geef de leerlingen hier vijf minuten. Bespreek vervolgens de antwoorden van de leerlingen klassikaal. Heeft ieder groepje een hypertekst kunnen vinden? Wat viel de leerlingen op?

Omdat wij vinden dat de leerlingen zelf ook op onderzoek uit moeten, hebben wij een aantal opdrachten voor deze les bedacht die de leerlingen nog dieper laat graven naar hoe een hypertekst eruit ziet. Omdat in les 3 pas echte verwerkingsopdrachten aan bod komen die bij de hypertekst horen, laten wij in les 2 de leerlingen meer zelf onderzoek doen naar hyperteksten.
Dit zullen dus meer onderzoeksopdrachten zijn om uit te zoeken wat de voor- en nadelen zijn en om ze uit te laten zoeken of dit überhaupt wel een leukere manier van begrijpend lezen is.

Materialen/benodigdheden:

* computer/smart Phone/tablet/iPad om met hypertekst te werken.
* Een lineaire tekst (nieuwsbegrip).

 

De opdrachten per groepje leerlingen. Zitten de leerlingen niet in groepjes, maak dan groepjes van 4 of 4 leerlingen.

De leerlingen mogen per groepje zelf een website met een hypertekst uitzoeken om te onderzoeken.

Opdracht 1: noem drie voordelen en drie nadelen van het werken met een lineaire tekst.

Opdracht 2: noem drie voordelen en drie nadelen van het werken met een hypertekst.

Opdracht 3: noem drie verschillen tussen een lineaire tekst en een hypertekst.

Opdracht 4: als je moest kiezen tussen het lezen van een lineaire tekst en een hypertekst, welke zou je dan kiezen? Waarom?

 

Afsluiting.

Bespreek je de antwoorden van de leerlingen klassikaal. Dit is meteen de afsluiting van de les.